Over mij

Mijn foto
Als zelfstandig HR professional kan ik mijn nieuwsgierigheid naar mens, maatschappij en organisatie alle vrijheid geven. Dat inspireert mij iedere keer weer. Als persoon en in mijn werk hecht ik veel waarde aan creativiteit, vrijheid, vriendschap, communicatie en menselijk geluk. In mijn werkzaamheden hecht ik daarnaast ook waarde aan verantwoordelijkheid, flexibiliteit,ambitie, pragmatisme en professionaliteit. Deze waarden komen in FRAAI ADVIES samen. Kenmerkend in mijn benadering is mijn focus op het onderscheidende vermogen van de organisatie en de medewerkers die daar werkzaam zijn. Dit vermogen, de organisatie competenties en het human capital vinden aansluiting met elkaar door inspiratie en visie.Fraai Advies biedt in dit spectrum de schakel tussen mens en organisatie.
Posts tonen met het label verandering. Alle posts tonen
Posts tonen met het label verandering. Alle posts tonen

woensdag 23 september 2015

De stille Revolutie

Zelfsturende teams, leiderschapsprogramma’s en agile werken: voorbeelden om de enige constante factor, de verandering, het hoofd te kunnen bieden. De werkvormen zijn erop gericht de medewerker te laten meebewegen. Het lukt deels. Iedereen zal herkennen dat het proces een worsteling is wat uiteindelijk stagneert. Hoe kan dat?

De vooruitgang heeft ons een complexe sociale en dynamische context opgeleverd wat het leven weerbarstig maakt. Het brengt ons voordelen en tegelijkertijd staat het ons in de weg. Door de dynamiek tussen de mens en de vooruitgang is een fuik ontstaan wat ons belemmert de o zo gewenste slagvaardigheid binnen een organisatie te realiseren.

Sinds eeuwen onderzoeken wij wat er met de mens gebeurt als hij werkt. De filosoof Marx zegt dat de manier waarop wij werken, ons bewustzijn beïnvloedt en vice versa; ons bewustzijn beïnvloedt op haar beurt de manier waarop wij werken (hij noemt dit de “wederzijdse verhouding tussen hand en geest”). Arbeid beschouwt hij als iets positiefs, de mens ontleedt zijn waarde uit zijn eigen werk. Met andere woorden het hebben van eigenaarschap van jouw werk staat lineair in verhouding tot jouw mens-zijn (eigen waarden). Het gebrek aan eigenaarschap leidt dus tot vervreemding van jezelf of ook wel verlies van eigen waarden.  Tot zover Marx.

Het letterlijke eigenaarschap, zoals hierboven beschreven, kennen wij niet in onze organisaties. Wat het dichtst bij komt is het fenomeen (eigen) verantwoordelijkheid.  Het is mijn overtuiging dat het gebrek aan (geven van en aanspreken op) verantwoordelijkheid de oorzaak is voor het beperkt meebewegen van management en medewerker. Wij zijn door dit gebrek namelijk te veel vervreemd van ons-zelf en daardoor te weinig intrinsiek gemotiveerd om volledig mee te bewegen met een organisatie.

Het proces van vervreemding, de fuik

De vooruitgang heeft ons meer welvaart en bezit gebracht. Het diende als substituut voor het eerder genoemde ‘eigenaarschap’.  Aan de mate van bezit, ontleenden wij onze eigen waarden. Met de voortschrijding van de vooruitgang fungeert het bezit steeds minder als substituut voor het gebrek aan eigenaarschap; langzaam beseffen wij dat bezit niet in verbinding staat met ons gevoel van mens-zijn en dringt de vervreemding van onszelf zich steeds meer naar voren. Wij raken steeds moeilijker bevlogen en voelen ons slechts kortstondig betrokken.

Met het voortschrijden van de vooruitgang neemt de sociale en dynamische context aan complexiteit  toe. Om deze het hoofd te bieden zijn wij steeds meer regels en procedures gaan opstellen. Waar wij dachten dat de vooruitgang ons meer vrijheid heeft gegeven, wordt de keerzijde hiervan steeds zichtbaarder. De regels en procedures geven ons het gevoel dat onze bewegingsvrijheid beperkt wordt. Langzaam raken wij ingekapseld en ontstaat de vraag in hoeverre wij nog eigenaarschap of regie hebben; het gevoel van vervreemding wordt hiermee versterkt.

De vooruitgang creëert dus als het ware een soort van fuik die steeds strakker om ons heen komt te zitten. Dit is voor iedereen aan de orde, ongeacht waar je staat op de maatschappelijke ladder. Enerzijds biedt de vooruitgang oneindig veel mogelijkheden en doet het onze welvaart en  levensverwachting nog immer stijgen. Anderzijds voedt de vooruitgang, in hetzelfde tempo, het proces van vervreemding met onszelf. Het is een verschijnsel dat zich zowel op maatschappelijk als op organisatie niveau afspeelt. De gevolgen voor de organisatie vertalen zich in haar onvermogen om te gaan met de snel opeenvolgende veranderingen.

Marx heeft gewaarschuwd voor de revolutie. Ondanks dat wij niet op de barricade staan, is er een vorm van revolutie gaande die zich uit in passieve weerstand; wij zijn slechts bereid om tot zekere hoogte mee te bewegen in de gewenste richting en voor de rest keren wij ons af van het hoger management en/of organisatie belang. De uitleg van de stip aan de horizon is voor niemand ingewikkeld. Sterker nog, de medewerker op de vloer weet heel goed te vertellen wat goed zou zijn. De gewenste verandering bij de medewerker en manager blijft echter uit, omdat hij zichzelf niet meer herkent in wie hij is en wat hij doet. Het ontbreekt aan intrinsieke motivatie om gefocust, scherp en volhardend in het werk te zitten.

De mens ontleent zijn waarde uit zijn eigen werk
Om geen slachtoffer te worden van onze eigen vooruitgang en te verstikken in de fuik, zullen wij ons vervreemdingsproces moeten stoppen. Door de wederkerigheid tussen ons werken en ons mens-zijn, betekent dit twee dingen:
1.       Het eigenaarschap moet weer terug naar de medewerker en manager.

2.       Tegelijkertijd moeten wij onszelf weer leren kennen in termen van waarden en kernkwaliteiten.
Deze twee stappen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Eigenaarschap
Eigenaarschap kennen wij in ons organisatie systeem als verantwoordelijkheid. In onze organisatiestructuren hebben wij de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden op papier geregeld. Daarnaast hebben wij een enorm controle systeem van regels en procedures geïmplementeerd. In praktijk verschuilen wij ons achter dit controle systeem en ontheffen wij ons daarmee van onze verantwoordelijkheden.  Willen wij onze eigenwaarde weer uit ons werk krijgen, dan nemen wij weer verantwoordelijkheid. Het is zaak dat dit tot en met het laagste functieniveau weer common practice is. Instrumenten die hierbij helpen zijn output gericht managen en zelfsturende teams. Het één ondersteunt het ander. Zij stimuleren de verbinding tussen medewerker en organisatie en bevorderen het nemen van initiatief; de medewerker heeft de vrijheid om zelf te bepalen hoe hij het resultaat realiseert en wordt daarmee eigenaar van zijn resultaat. Zo op het eerste gezicht een kolfje naar de hand van iedere manager. De uitdaging ligt in ieder geval op 2 vlakken:

1.       het consistent aanspreken op de verantwoordelijkheid voor het resultaat. Als wij dat niet doen verzandt output gericht managen in een vrijblijvend systeem dat ons nog weer verder vervreemdt van onszelf. Dat vraagt van de manager dat hij enerzijds stuurt en tegelijkertijd leert loslaten. Regels en procedures ondermijnen verantwoordelijkheid. De manager vaart dus in de aansturing minder op het controle systeem en meer op helder gedefinieerde doelen;

2.       het samen met de medewerker scherp en concreet krijgen van de doelstellingen. Dat vraagt van zowel medewerker als manager kennis en inzicht en nog belangrijker overzicht van de organisatiestrategie en marktcontext/dynamiek. En dit in relatie tot zijn werkzaamheden en afdeling. Overzicht vereist dat wij over de grenzen van onze functie en afdeling durven kijken. Het vraagt de bereidheid om jezelf onderdeel te maken van het grote geheel. Als wij dat niet doen, dan creëert output management sub optimalisatie. Het is dan een kwestie van tijd voordat dit merkbaar wordt in de bedrijfsresultaten. Verken dus gezamenlijk de stakeholders, aanpalende afdelingen en hun doelstellingen. Deel die van jou en bouw een netwerk op met hen.
Mens- zijn

Onlosmakelijk verbonden met het herbeleggen van de verantwoordelijkheid is het hervinden van ons mens-zijn. Hoe raak je intrinsiek gemotiveerd om aan je verantwoordelijkheden te voldoen als je niet weet hoe de aan jouw toegekende verantwoordelijkheden in verhouding staan tot jouw waarden en kernkwaliteiten? Dit zou de –why- voor iedere organisatie moeten zijn om in dit proces te investeren op individueel niveau. De praktijk op dit punt, is echter uitermate weerbarstig.
Intrinsieke motivatie ontstaat als dat wat van jou wordt gevraagd aansluiting vindt bij jouw waarden en kwaliteiten. Velen hebben hiervan geen besef en het zijn die die het meest vast in de fuik zitten. De afgelopen eeuwen hebben wij in de veronderstelling geleefd dat onze eigenwaarde is verbonden met ons materieel bezit. Wij kijken niet meer naar onszelf in termen van waarden en kwaliteiten. In organisatie context hebben wij onze keuzes voor organisatie, functie en promotie gebaseerd op financiële afwegingen en status. Daarmee zijn wij ons onbewust van wat ons werkelijk verbindt met de organisatie en het werk dat wij doen. De passieve weerstand zijn de eerste signalen van het besef van vervreemding met ons werk en daarmee met onszelf.  Ergens beseffen wij dat status een lege huls is; dat door onze eigenwaarde op te hangen aan status en macht wij afhankelijk zijn van de ander en daardoor geen enkel eigenaarschap hebben. Het opgeven van de status heeft echter het risico van materieel verlies. Aangezien wij nog niet hebben ervaren wat dit verlies kan compenseren, houden wij nog vast aan de huidige patronen. De consequentie is dat de slagkracht in een organisatie vanuit een extrinsieke motivatie wordt gerealiseerd (besluiten worden genomen vanuit eigen financieel gewin en politieke afwegingen). Dat is minder duurzaam en weinig effectief. Het heeft echter geen zin om de medewerker of het systeem daarvan de schuld te geven. Het begint namelijk bij jezelf.
Het hervinden van ons mens-zijn is een persoonlijk en innerlijk proces. De uitkomst is meer inzicht in je diepere waarden en kwaliteiten waardoor je jezelf beschouwt vanuit een ander perspectief dan status en macht. Jouw waarden en kwaliteiten worden leidend in je keuzes. Vaak wordt een dergelijk proces als abstract of vaag betiteld. Er is echter weinig abstracts aan, dus vermoedelijk is het de onbekendheid waardoor velen van ons onwennig met het onderwerp omgaan.

Een kleine stap waarmee je dit proces kan opstarten is om voor jezelf na te gaan wat er voor jou daadwerkelijk toe doet. Wat raakt jou en vind je dit terug in jouw handelen? Als dat niet het geval is wat is daarvoor de reden? Heb je die vraag voor jezelf beantwoordt, stel deze dan eens op teamniveau. Een volgende stap is elkaar aan te spreken als je ziet dat iemand niet volgens zijn waarden handelt. Let daarbij op dat het gaat om de dialoog en niet om de veroordeling.
Om de noodzakelijke organisatie slagkracht te verkrijgen zal de mens, zoals eerder aangegeven, weer zijn waarden uit zijn werk moeten kunnen halen. In dat kader heb ik aangegeven dat het terugbrengen van de verantwoordelijkheid en het hervinden van ons mens-zijn (zelfbewust zijn) onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Wat is de reden hiervoor?

Hoe dichter wij weer bij ons mens- zijn komen hoe minder wij onze omgeving vanuit het status en macht perspectief benaderen. Deze verschuiving is een noodzakelijke voorwaarde om de verantwoordelijkheid weer terug in de organisatie te krijgen. In deze nieuwe organisatie heeft de manager een meer dienende of faciliterende rol ingenomen (zie output sturen en zelfsturende teams). Het is een organisatie waarin de medewerkers zich kenmerken door hun intrinsieke drive deel uit te willen maken van het grotere geheel, te willen samenwerken en lerend vermogen te ontwikkelen in het belang van de organisatie. De organisatie die slechts de verantwoordelijkheid heeft belegd maar niet de tijd heeft genomen het innerlijke proces te doorlopen, ontwikkelt beperkte slagkracht en zal zich daarmee niet kunnen onderscheiden.

vrijdag 14 december 2012

1 voor allen, allen voor 1

De tijden zijn veranderd. Iedere organisatie ervaart scherpere concurrentie. Marges komen onder druk te staan. De kunst om onderscheidend te blijven is lastig. Dit vereist slagvaardigheid en wendbaarheid van de organisatie. Tegelijkertijd wordt de broekriem aangetrokken; dezelfde hoeveelheid werk of meer, moet met minder mensen gerealiseerd worden. Ontwikkelingen waardoor wij veel meer op elkaar aangewezen worden. Wat voor cultuur vraagt dat? In ieder geval niet een cultuur waar wij de muren rondom onze afdelingen hoog optrekken, zoveel mogelijk best practices voor onszelf houden en elkaar de loef afsteken. Het vraagt om een cultuur van 1 voor allen, allen voor 1.

Ik vind dat slagkracht en wendbaarheid niet alleen bereikt worden door efficiënte processen, kennis en kunde. Om snel te reageren op de omgeving, innovatief te zijn en kwaliteit te leveren, zal je goed van elkaar moeten weten wie, wat, doet. De kracht van een succesvolle organisatie zit in de gemeenschappelijke betrokkenheid. Servant Leadership (R.K. Greenleaf) realiseert deze betrokkenheid. Het staat voor mij voor resultaatgericht managen vanuit verbinding, eenheid en betrokkenheid. Het gaat verder dan leiderschap vanuit het management. Het doet een dringend appèl op iedere medewerker om zijn verantwoordelijkheid te nemen het beste uit zichzelf en zijn collega te halen.

Onderstaand volgen de 10 karakteristieken van Servant Leadership. Een aantal heb ik iets uitgewerkt. Ga eens na in hoeverre deze in jouw organisatie aan de orde zijn. Stel dat je per onderdeel een cijfer moet geven, wat scoor je dan? En als een van deze kenmerken ontbreekt wat merk je daar dan van?

1 Luisteren

Dit is onbevooroordeeld luisteren. Als het gaat om organisatie slagkracht, dan is het van belang dat wij goed naar elkaar kunnen, maar vooral, willen luisteren. Wees je bewust van je vooroordelen en gedachten voordat je een gesprek met iemand aangaat of nadat je iemand hebt gesproken. Deze belemmeren ons om tot de kern van een vraagstuk te komen of de beste oplossing te genereren. Daag jezelf uit je vooroordeel te toetsen, of nog beter, probeer je vooroordeel los te laten en onbevangen met iemand in gesprek te zijn.

 2 Empathie

Het inlevingsvermogen dat nodig is om vanuit respect met elkaar om te gaan. Iedereen moet worden aangesproken op zijn verantwoordelijkheid. Besef daarbij dat iemand onaardig kan doen en tegelijk aardig kan zijn. Vanuit deze nuancering ontstaat respect voor de ander. De wendbaarheid van een organisatie zit in het snel kunnen anticiperen. Om dat te kunnen, moet je als organisatie als eenheid bewegen. Dit vraagt dat jij weet waar de ander mee bezig is en hoe zich dat verhoudt tot jou.

3 Heel maken

Steek elkaar de hand toe als je ziet dat de andere moeite heeft om iets voor elkaar te krijgen. Zowel de slagkracht als de wendbaarheid, wordt gerealiseerd door joint forces. Als je weet wat elkaars uitdagingen zijn, wees dan ook bereid elkaar te helpen door informatie, ervaring, kennis en kunde te delen. Wijs iemand niet af, maar ondersteun.

4 Bewustzijn

Wees je bewust van je eigen waarden. Waar sta jij voor? Hierdoor werk je vanuit je kracht. Neem verantwoordelijkheid en daag jezelf uit vanuit je eigen waarden te handelen. Passen jouw waarden niet bij de organisatie? Vraag jezelf dan af hoeveel energie je werk van je vraagt. Als dit te veel is, wat kan je dan doen om hier meer balans in te krijgen. Daag ook je collega uit met de vraag waar hij voor staat en hoe hij dit invult.

5 Overtuigen

Dit betreft richting geven en mensen in beweging krijgen. De meest duurzame manier is richting geven met oog voor de twijfels en zorgen van de ander. Als wij de lastige zaken niet bespreekbaar maken, dan doen wij dingen half. Bespreek vanuit de doelstellingen wat iemand nodig heeft om in beweging te komen.

6 Conceptualiseren

Ieder mens heeft een stip aan de horizon nodig om gemotiveerd te blijven. In een organisatie is dit de visie en strategie. Hoe inspireert het jou in je werk? En wat doe jij eraan als je de visie niet kent?

 7 Inzet voor mens

Iedereen kan een bijdrage leveren aan de persoonlijke ontwikkeling van de ander. Wanneer wij onze omgeving het beste gunnen, komt ook het beste naar boven. Open deur? Tuurlijk en toch zie ik het zelden in praktijk uitgevoerd. Wat doe jij hieraan?

8 Vooruitzien
9 Rentmeesterschap
10 Bouwen aan gemeenschap

Servant Leadership gedeelde verantwoordelijkheid
Heeft HR een centrale rol in het introduceren van Servant Leadership? Nee, het is een verantwoordelijkheid van iedere medewerker. De slagkracht en wendbaarheid van een organisatie zit nou juist in het individueel leiderschap van iedere medewerker. HR heeft wèl de integrale positie in een organisatie. Zij kan hierdoor Servant Leadership introduceren en als een olievlek doen laten verspreiden.

Tenslotte benadruk ik dat Servant Leadership meer behelst dan deze karakteristieken. Voor meer informatie verwijs ik dan ook graag naar het Nederlands Instituut voor Servant Leadership, www.nivsl.nl.